20 juli 2017: BRAND

Met nog wat tijd over nadat ik twee dagen heerlijk heb geklust en gevaren , wat kurk en lijm over besluit ik om het laatste restje kurk te gebruiken om een stukje in de voorkajuit bij de keuken te beplakken. Zo gezegd, zo gedaan: na wat passen en meten lijm ik de kurk vast in met Bisontix en leg die klaar in de stuurhut. Dan haal ik het trapje weg bij de kajuitingang: daarachter komt immers de kurk en dat wandje smeer ik ook in met lijm. En net als ik laatste streek lijm zet met de lijmkam gebeurt het:

 

WOESSJJJ

 

Met een felle flits zie ik dat van links een enorme steekvlam alles in brand zet. Ik schrik en deins naar achteren. Wat gebeurt er nu? De wand met alle lijm er op staat helemaal in de fik. Ook zie ik dat de gelijmde kurk in de stuurhut vlam heeft gevat en flink fikt. Omdat ik toch wel wat duizelig ben deins ik verder achteruit en besef dat de enige uitgang in de fik staat! Het raam aan de voorkant van de kajuit is te klein en te zwaar om mij doorheen te wurmen. En als ik het open doe zal er een luchtstroom op gang komen waardoor de brand wellicht nog erger wordt. Dan zie ik dat de vlammen even wat minder worden en ik besef dat ik naar buiten moet gaan komen. Wellicht vatten mijn kleren vlam maar dan moet ik maar in het water springen. Ik neem dus de gok: met een snoekduik spring ik overeind en duik door de ingang van de kajuit naar buiten. Ik duik net langs de brandende kurk en land (auw!) op mijn linker pols. Snel spring ik naar buiten en sta ik op de steiger. Achter me zie ik de vlammen nog steeds en ik besef dat ik snel moet handelen: de boot ligt in het botenhuis en als daar de vlammen komen is de ramp niet meer te overzien. De boot moet dus losgemaakt worden en uit het botenhuis weggeduwd worden. Als mij dat lukt kan ik daarna de brandweer bellen. Hoewel: de telefoon ligt in de kajuit binnen. Ik zie ook helaas niemand meer in de haven. Ik begin dus de boot los te maken en ik bedenk me nog dat ik de gaskraan beter dicht kan draaien. Dan besef ik ook waar die fik opeens vandaan komt: ik had de koelkast (op gas) nog aanstaan en die staat vlakbij de wand die ik met lijm insmeerde. Het waakvlammetje van de koelkast en de lijmdampen hebben voor deze verrassing gezorgd.

 

Terwijl ik de gaskraan dichtdraai zie ik de puts staan en ik besluit om in ieder geval een poging te wagen om e.e.a. te blussen: de brandblusser staat immers bij de ingang waar het brandt en daar kan ik ook niet bij. Ik gooi op hoop van zegen dus een puts water naar binnen. De kurk die in de stuurhut brand is bijna uit. Ik vul de puts dus nog een keer en gooi nog een keer. De kurk in de stuurhut is uit en nu gaat het snel: ik gooi nog een paar emmers naar binnen en dan kan ik gelukkig het sein brandmeester geven! Ik loop naar buiten en begin te beseffen dat ik heel veel geluk heb gehad: geluk dat ik het vuur uit is en ik het nog na kan vertellen. Als ik naar mijn benen kijk schrik ik: ze zijn vuurrood: vanwege het warme weer heb ik een korte broek aan en mijn onderbenen hebben dus in de vlammen gestaan. Ik ga via mijn zwemtrap met mijn benen in het water hangen en blijf zo lekker een kwartiertje staan. Ik merk ook dat mijn baard is weggeschroeid en mijn neusvleugels tintelen.

 

Na wat opruimen ga ik dan ook huiswaarts en richting de huisartsenpost.  Daar worden (gelukkig slechts) tweedegraads brandwonden geconstateerd op onderbenen, armen en neusvleugels. Ik heb er nog een paar weken flink last van gehad.

 

De schade aan de boot valt uiteindelijk reuze mee: wat zwartgeblakerde lijmresten, verbrande kurk en een wat water in de bilge dat ik probleemloos snel weg kan halen Alles was zelf eenvoudig op te lossen gelukkig. De verzekering hoefde zelfs niet te helpen.

En wat is de moraal van het verhaal: Lijmdampen zijn dus echt heel erg brandbaar. En zelfs een klein waakvlammetje dat een eind verderop brandt is gevaarlijk.

Had ik dit kunnen voorkomen: natuurlijk: ik was alleen vergeten dat de koelkast nog aanstond: bij terugkomst had ik de koelkast nog aan gelaten omdat ik wat vers eten koel wilde houden. De link met het gasvlammetje heb ik nooit gelegd…..

 

Kortom: een gewaarschuwd mens telt voor twee: altijd controleren of er vuur in de buurt is als je lijm gaat plakken…….

 

 

Vorige kluspagina Volgende kluspagina